Karakter · De gebaren
出
でる deruでた detaうちいでて uchiidete
naar buiten gaan
Opbouw
Oorsprong
De oude vorm toont een voet die de rand van een kuil overschrijdt: naar buiten gaan.
In de gedachten
- 出るderudie uitsteekt
- 出たdetagekomen
- うち出でてuchiideteuitkomend
Spreekwoorden met dit karakter
- 028 出る杭は打たれる De paal die uitsteekt, wordt teruggeslagen.
- 158 身から出た錆 Roest komt uit de kling zelf.
- 214 梅が香にのつと日の出る山路かな Geur van pruimenbloesem — en plots rijst de zon boven het bergpad.
- 292 田子の浦にうち出でて見れば白妙の富士の高嶺に雪は降りつつ Uitkomend op de baai van Tago zie ik: op de hoge top van de Fuji, wit, de sneeuw die nog valt.